Het zichtbaar maken van verschillende stijlperioden met de daarbij behorende materialen en planten. Als eenvoudig voorbeeld kunnen we nemen de Ligustrum, waarvan de soort vulgare al sinds de Romeinen in cultuur was. Deze staat in het Landschappelijk deel. De Ligustrum ovalifolium is in 1843 vanuit Japan ingevoerd. Onjuist zou het zijn deze plant in een classicistische stijl of in de Landschapsstijl toe te passen. In het Art Nouveau-gedeelte is deze plant zeer op haar plaats. Bij een huis hoort een tuin. Zomaar een tuin schept behagen, maar een bepaalde doelstelling geeft een extra dimensie. Een meerwaarde kan ook worden verkregen door anderen mee te laten genieten. De doelstelling hier is een educatieve tuin, waarbij de historie van de tuinkunst voorop staat. Historie vinden we in de verschillende stijlperioden, maar ook de historie van de plant komt aan de orde.
Wie een historische tuin wil beginnen, moet weten wanneer een bepaalde plant in cultuur kwam, maar ook welke planten de gewone man vroeger plantte en welke de rijkere man. Historie en cultuur gaan sterk samen. Voor toepassing van bestratingen geldt ook weelde van tijdperk, landstreek en personen. In Parktuin Oosterhouw zijn verschillende stijlen aangebracht, die alle corresponderen met het landhuis.
Voor het huis ligt een strak geschoren tuin. Vanuit de verschillende gezichtshoeken zien we verschillende stijlen. Van links naar recht kijkend zien we alle Renaissancekenmerken, midden voor het huis richting het huis kijkend Barok en op de stoep staand de tuin inkijkend Rococo. Voor het huis ligt een strak geschoren tuin. Vanuit de verschillende gezichtshoeken zien we verschillende stijlen. Van links naar recht kijkend zien we alle Renaissancekenmerken, midden voor het huis richting het huis kijkend Barok en op de stoep staand de tuin inkijkend Rococo.
De plaats van theekoepels is altijd zo gekozen, dat ze niet alleen uitzicht bieden over tuin en landerijen, maar tevens vanaf de openbare weg goed zichtbaar zijn om meer status te geven. In de 19e eeuw werden ze vaak op een heuveltje, ontstaan door het graven van vijvers, geplaatst.
Vanuit de tuinkoepel een gezicht op de meer dan 20 meter hoge treurbeuk (Fagus sylvatica 'Atropunicea'). Treurbeuken kwamen rond 1820 in Engeland in cultuur en zijn karaktervolle bomen voor grotere landschappelijk aangelegde tuinen. De bomen zijn geënt, daardoor kostbaar en zijn daarmee echte statusverschaffers in landschapstuinen. Een horizontale zijtak is met haar 20 meter de langste zijtak van Nederland.
MEUBILAIR
Het meubilair in de koepel stamt uit de jaren '20 van de vorige eeuw en is gemaakt door Stoomtimmerij Timmer aan de Verlengde Heereweg te Groningen. Eens sierden deze stoelen het terras van Hotel Van der Werf te Schiermonnikoog.
SLINGERPADEN
De slingerende paden in de Landschapsstijl zijn niet verhard, maar wel bezand, waardoor schoffelen gemakkelijk gaat en in natte perioden de paden droger blijven.
Tuin alleen voor groepen opengesteld op afspraak; niet voor individuelen; gastenkamer voor twee personen.
Voor meer info zie Landhuis Oosterhouw
















